Leerling verpleegkundigen, Forensische verpleegkundigen, Politie, Forensic Sience, Forensische opsporing, het lijkt niets te maken te hebben met Special Death Care. Echter, afgelopen weken hebben we in elkaars keuken gekeken en samen gewerkt waar mogelijk. Onze conclusie was voor allen gelijk: onze beroepsgroepen liggen spannend dicht in elkaars gebied of verlengde. We hebben zo mega veel van elkaar kunnen leren, zo veel kunnen doen en betekenen voor de nabestaanden. Een oprecht dankjewel aan allen die met Special Death Care deze samenwerking mogelijk hebben gemaakt. Laten we het voort zetten en van elkaar blijven leren.

112 en Special Death Care

‘Jeetje, hoe ga ik dit allemaal bolwerken vandaag’. Al rijdend in de wagen met een in huis gezet kopje koffie in mijn hand. Het voelt een beetje alsof het me over de schoenen dreigt te lopen vandaag. Vele meldingen volgen elkaar op en als ik een beetje door reken, dan weet ik dat het ergens midden in de nacht zal zijn alvorens ik thuis ben.

Meestal komen de meldingen bij bosjes als er onweer in de lucht hangt. Echter is het de afgelopen nacht en de komende nacht beneden de nul graden Celsius, een temperatuur waarbij ik me normaal gesproken niet zo druk hoef te maken.

In gedachten probeer ik me voor te stellen wat ik allemaal aan zou treffen. De eerste melding betreft een thanatopraxie behandeling. Een behandeling waarbij ik het bloed ga vervangen door een andere vloeistof waardoor de overledene in het gunstigste geval ongekoeld opgebaard kan worden.

Echter zijn er vele factoren die deze behandeling al dan niet positief of negatief kunnen beïnvloeden. Denk hierbij aan het medicijn gebruik, de doods oorzaak, eventueel gebruik van drugs voor het overlijden en vanzelfsprekend speelt de conditie van het vaten stelsel een belangrijke rol.

De technische details van deze behandeling zal ik jullie besparen, want als ik hier eenmaal over ga beginnen dan ben je snel een uur dichter bij je urn.

Ik denk dat het menselijk is, dat je in gedachten altijd een voorstelling probeert te maken van hoe je dag zou gaan lopen. Kijk naar jezelf, zie wat je allemaal al gepland hebt in je leven. Waarschijnlijk weet je nu al waar je 5 december met je familie zit, weet je al wanneer je vakantie gaat beginnen en waar je deze vrije tijd gaat vieren.

Dat is in mijn vak ook wel een beetje zo. Dingen proberen te plannen, de route, de vloeistoffen die je gaat gebruiken en de prioriteiten die je moet gaan stellen bij stuwing of lekkages. Een overledene die in een gekoelde ruimte staat heeft bij mij een lagere prioriteit dan een overledene die op een zolder ligt te lekken. Koelen heeft altijd meerwaarde en een uurtje langer koelen kan er voor zorgen dat de problemen zich iets stabiliseren.

Zoals mijn dag nu is ingepland, heeft een oude man in een uitvaartcentrum de laagste prioriteit gekregen. Niet vanwege de leeftijd, maar wel vanwege de omstandigheden en de aanvraag. Deze meneer ligt opgebaard op een gekoelde kamer, de kist is inmiddels gesloten door de beheerder van de aula. De kamer begon een beetje te ruiken en om bezoekers niet met deze onaangename geur te confronteren is besloten de kist te sluiten.

Eigenlijk was de vraagstelling vrij duidelijk, ‘Edwin, er ligt hier een man en de geur uit deze kamer is voor andere bezoekers onaangenaam aan het worden. Zou jij voor ons een bodyseal kunnen uitvoeren in dit uitvaartcentrum’?

Een bodyseal is een soort bodybag die hermetisch wordt afgesloten. Niet middels een rits of plakband, maar het plastic wordt aan elkaar gesmolten waardoor de zak volledig lucht dicht is afgesloten. Ik roep zelf altijd, dat een bodyseal geur-dicht, zicht-dicht en vloeistof-dicht is. Je kunt de overledene niet meer ruiken, niet meer zien en lekkage uit de overledene blijft binnen deze seal.

‘Ja, dat kan ik wel voor je realiseren. Maar meestal is er bij geurvorming ook zwelling. Weet je zeker dat een bodyseal voldoende is, of moet ik eerst zorgen dat de overledene weer slank wordt zodat deze niet buiten de kist komt zetten op de dag van de uitvaart’?

‘Tja, dat weet ik niet zo goed. Er is niet zo veel geld, maar we willen geen problemen tijdens de uitvaart’. Ik hoef daar niet over na te denken, ‘laat me mijn gang maar gaan, ik zal zorgen dat het in orde komt, ik heb een sleutel van het pand en vermaak me wel even vanavond. Is dat wat’?

Het mooie van wat ik heb opgebouwd in de afgelopen jaren is het vertrouwen bij de ondernemers. Iemand die mij kent weet dat geld voor mij geen motivatie is om mijn vak uit te oefenen. Een goed en mooi resultaat laten mij meer stralen dan een hoge factuur richting de nabestaanden.

Als het inmiddels al schemerig is geworden, kom ik aan bij een mooi gelegen pand. Achter het pand zie je bomen en struiken en ruik je de natuur. Best een mooie afsluiting van de dag. Niet de dag afsluiten via een asfalt weg, maar een klinker weg die me leidt naar een schitterend stukje natuur.

Even grabbelen in een doosje en probeer zonder extra licht de juiste sleutel van het pand te vinden. Yes, dit zal hem zijn. Vol trots loop ik richting het pand. Nadat ik de sleutel in het slot heb gedaan druk ik tegen de zware glazen deur om naar binnen te gaan.

Vreemd, ik ruik niet echt een geur die me doet denken aan een overledene. Meestal ben ik wel zo scherp dat ik –nog voordat ik de overledene heb gezien- kan ruiken welke kamer ik moet zijn.

Ik hobbel met de brancard over het rode tapijt richting de kamers waar de overledenen zijn opgebaard. Geconcentreerd probeer ik te ruiken waar ik moet zijn, maar als ik aan het einde van de gang ben en nog niets heb geroken begin ik toch te twijfelen.

Heb ik het nou goed begrepen, of ben ik op een verkeerd adres? Ik loop terug naar de wagen en kijk nogmaals naar de melding. Nee, daar kan het niet aan liggen, de melding geeft echt aan dat ik hier moet zijn.

In de hal staat een groot bord met alle namen en kamer nummers van de overledenen. Deze is alleen toegankelijk voor ondernemers en het helpt je de weg wijzen binnen dit enorme pand.

Als ik de kamer heb gevonden klop ik met mijn vingers op de deur. Er komt geen reactie dus besluit ik de deur te openen met de sleutel die ik gehaald heb uit de sleutel kast. In de kamer loeit een airco. Rondom de kist een gordijn, twee stoelen en een elektrische kaars die sfeervol de kamer verlicht.

Achter het gordijn staat een gesloten kist. Een mooie grenen kist met ronde knoppen en houten handgrepen. Waarschijnlijk heeft de familie al afscheid genomen, want een besluit tot bodyseal doe je niet zo maar even, dat is vaak ongewilde noodzaak. Echter ruik ik nog steeds niet iets verontrustend.

Met twee handschoenen aan open ik de kist. Ik ben voorbereid op dingen die een ander niet graag wil zien. Denk aan opgeblazen lichamen waarbij het hoofd al tegen de deksel zit gedrukt en de lekkage en stank enorm is.

Als ik de deksel op het daarvoor bestemde beugeltje zet, draai ik me om en kijk naar de overledene. Een enorme opgezwollen buik, zo opgezwollen dat de knoopjes van zijn 3-delig pak eraf zijn gesprongen. Echter is de kleur van deze man nog mooi en komt de stank –wat overigens minimaal is- waarschijnlijk uit de neus of openstaande mond van deze overledene.

Mijn handschoenen schiet ik uit en laat me even zakken in de stoel. Hersenen die ratelen, mijn ogen die telkens kijken naar de kist. De geur is nu niet meer te beoordelen, want deze is adaptief. ‘Nee, dat ga ik niet doen’ denk ik bij mezelf.

Ik ga hier geen bodyseal op uitvoeren. Met wat andere technieken kan ik deze overledene weer gewoon toonbaar krijgen, deze man ga ik echt niet verstoppen voor de familie. De familie zou me waarschijnlijk dankbaar zijn als hij nog iets langer toonbaar kan blijven.

Ik ga er dan ook maar domweg vanuit dat ze de bodyseal hadden bedoeld tegen de stank en niet omdat ze hem niet meer willen zien.

Omdat het al laat is, besluit ik niet in overleg te gaan met de uitvaartleider. De kans is groot dat deze al op bed ligt, dus neem ik de beslissing zelf. Indien nodig kom ik morgen gewoon terug om alsnog de bodyseal uit te voeren.

Als ik na een uurtje klaar ben, ligt er een man in een kist die gewoon past, geen opgezwollen buik en waarschijnlijk is de geur tot nul gereduceerd. Als ik zijn jasje dicht wil doen, dan zie ik de afgescheurde knopen aan de zijkant van de kist.

Ai, wat zou het mooi zijn als ik deze er weer op zou zetten. Ik struin wat in de wagen en zie dat ik wel wat hechtdraad heb om de knopen er weer op te zetten. Nou zijn dit niet mijn dagelijkse bezigheden, maar het lukt me prima om deze knopen er weer aan te zetten.

Voordat ik vertrek kijk ik nog even kritisch naar de manier zoals ik de overledene achter laat. Ligt deze in lijn, de plooi van de mouwen aan de zijkant strak, zit het jasje in lijn met de broek. ‘He bah, Edtje, je hebt wit hechtdraad gebruikt om de knopen aan het pak te naaien’. Ik hoor mezelf praten.

Ik grabbel wat in mijn koffer op zoek naar donkere make-up. Met wat vloeibare eyeliner kan ik dit prima oplossen. Terwijl ik op zoek ben schieten er een paar woorden door mijn hoofd. Tijdens een verzorging eerder deze week, kreeg ik een aantal opmerkingen naar mijn hoofd geslingerd.

‘U heeft een mooi beroep en kunt uw vaardigheden goed combineren. Bot, perfectionistisch met autistische trekjes, perfect’. Hij kwam even hard aan, maar denk wel dat het me goed omschrijft.

De volgende dag bel ik vol trots naar de ondernemer. ‘Hee vriend, ik heb je wat geflikt. Niks bodyseal, je kunt de familie weer langs sturen voor rouwbezoek. Hij ligt er weer op en top bij en de nare geur is volledig verdwenen’.

‘Ach, dat had niet gehoeven Edwin. Deze man heeft geen familie. Daar komt niemand naar kijken. Het is een eenzame man geweest zonder vrienden of familie. Een bodyseal was ook prima geweest’.

Na dit telefoongesprek kreeg ik wat gemengde gevoelens. Het idee dat ik samen met deze eenzame man zijn laatste uren voor de crematie heb doorgebracht laten me stralen. Zelf ben ik ook graag alleen, maar eenzaam zijn is niet fijn.

In gedachten kijk ik terug naar afgelopen nacht. Een man in een driedelig pak, zijn gezicht en handen die tijdens de behandeling met crème zijn behandeld, een gedesinfecteerd gebit en een kam door zijn haren om het er zo mooi mogelijk uit te laten zien. Op zijn lippen en oogleden wat lippen balsem en over zijn buik wat lotion. Zelfs de knopen zitten weer aan zijn pak.

Een eenzame man, maar weer volledig toonbaar, fris en met respect midden in de nacht achter gelaten. Laat mij maar bot, perfectionistisch en autistisch tegelijk zijn, maar juist voor deze man ben ik erg blij dat ik mijn eigen kop heb gevolgd.

Special Death Care

Met gemengde gevoelens ben ik benaderd vanuit Duitsland met de vraag of ik misschien iets wil en kan betekenen voor de Duitse slachtoffers in Madeira. Een toeristenbus op het Portugese eiland  is op een helling van de weg geraakt en op een huis terechtgekomen. Daarbij zijn volgens plaatselijke autoriteiten zeker 29 doden gevallen. Indien ik iets kan betekenen, dan bied ik mijn diensten samen met DeathCare Germany gratis aan. Gemengde gevoelens omdat er vele gezinnen nu in een verdrietige periode zijn beland, anderzijds enorm trots dat mijn bedrijf internationaal zo wordt gewaardeerd.

Altijd werken in emotie, dat is de titel van mijn toekomstig boek. Samen met Barbara Koudijs-Kok van Copy & more gaat Special Death Care persoonlijke ervaringen bundelen. Verhalen uit de praktijk, waarin de lezer meegenomen wordt in de emoties die ik samen met de nabestaanden beleef. Schokkend, verdrietig, kippenvelopwekkend en soms onaangenaam dichtbij. Blijf ons volgen.

Boek Special Death Care

DeathCare Germany en Special Death Care hebben gratis hulp aangeboden voor het bergen en identificeren van slachtoffers in Mozambique. Het is nu afwachten of en wanneer onze hulp wordt geaccepteerd. Ons team is winnaar van de Funeral Award in 2015. Zie onze informatie film. Let wel, sommige mensen kunnen deze beelden als schokkend ervaren. Film Death Care

Mozambique Special Death Care

Met regelmaat worden er door mij pacemakers uit een overledene gehaald. Onlangs heeft Special Death Care vele pacemakers via de nabestaanden geschonken aan dierenarts specialisten 'de Kompaan' in Ommen. Deze specialisten herplaatsen deze gebruikte pacemakers opnieuw in honden. Zo krijgen honden een langer leven en wordt er minder materiaal en geld verspild. Geweldig dankbaar dat ik via de overledene mijn liefde voor honden over kan dragen. Een dankjewel voor alle nabestaanden die deze pacemakers hebben geschonken en een dikke duim voor 'de Kompaan' in Ommen.

Pacemaker Special Death Care

Airbrush, lakens, make-up, extra koekjes, een volle tank met diesel. Heel even lijkt het alsof ik met vakantie ga. Ik denk dat als de postbode me zou zien hij ongetwijfeld aan me gaat vragen waarom ik zo straal. Het is een gemengd gevoel, het gevoel van vrijheid, het ZZP zijn, een gevoel van trots omdat mensen mij hun overledene toe vertrouwen. 

Daar waar mijn hulp wordt gevraagd is verdriet aanwezig. Een verdriet vaak gecombineerd met ongeloof, verbazing en soms woede. Vooral woede kan richting anderen erg confronterend zijn. Maar ook het tegenovergestelde komt voor. Opluchting, verlichting, muziek, wijn, romantiek en feest rondom een overlijden komt zeker wel voor.

Wat de volgende ochtend gaat brengen is voor mij nog niet helemaal zeker. Wat wel zeker is dat het vast niet helemaal probleemloos zou gaan verlopen. Een rit naar Duitsland, een aangifte van overlijden en een stevige meneer die door een –bij mij- onbekende oorzaak is overleden. Een uitdaging die ik graag aan ga.

Genoeg water in de ruitensproeier, motorolie op peil, lucht in de banden, check. De wekker op mijn mobiele telefoon stel ik in op 4 uur in de ochtend. Mijn witte kleding leg ik alvast gereed op de bank, een waterkoker alvast gevuld met koud water en met een super goed humeur kruip ik in mijn bed.

Het is nog donker als ik vertrek. Een snorrende motor, het geluid van zingende banden en een opkomende zon maakt het dat ik me comfortabel voel. De doelstelling is om 9 uur bij het desbetreffende ziekenhuis in Duitsland aan te komen. Na ongeveer 3 kwartier reizen kondigt zich een eerste plaspauze aan.

Ik staar wat in de verte, zoekend naar een bord ‘parkplatz’. Gelukkig zijn die er langs de Duitse Autobahn volop, waardoor mijn probleem zo verholpen zou kunnen zijn. Binnen een aantal minuten stuur ik de wagen naar rechts, sluit de wagen af en doe wat ik het liefst 5 minuten eerder al had moeten doen.

Terug in de wagen neem ik de tijd om wat koffie te maken. Zoekend naar mijn slappe speculaas koekjes vermaak ik me goed. Terwijl ik links door het raam naar buiten kijk, passeert er een vrachtwagen met klinkers hoog opgestapeld op pallets. Hij groet me vriendelijk terwijl hij me passeert en met een vrolijke blik houd ik mijn koffie kopje omhoog.

Nadat ik de motor weer heb gestart rolt de wagen langzaam achter de vriendelijk groetende vrachtwagen richting de Autobahn. Net voordat we de snelweg op willen, stopt de vriendelijk groetende man. Met verbazing wacht ik af wat er gaat komen. De chauffeur doet zijn alarmlichten aan, springt uit zijn cabine en opent alle zij-schotten van de trailer. ‘Oh nee’ denk ik bij mezelf.

Een mobiele heftruck wordt van de trailer getakeld en zonder schaamte neemt hij alle tijd van de wereld om zijn trailer te ledigen. Als ik in de spiegels kijk ontstaat er een file op de parkeerplaats. Waarschijnlijk mensen die naar hun werk willen of op vakantie gaan, maar in elk geval niet het begrip op kunnen brengen voor een chauffeur die alles blokkeert om zijn trailer te kunnen ledigen.

Als na een kleine 3 kwartier de laatste pallet is geplaatst, stapt de man uit zijn heftruck. Een onsmakelijk beeld van harige billen, een zwetend hoofd en een broek die echt ver tot onder de bilnaad naar beneden is gezakt. Ik kijk in mijn spiegels en zie dat andere mensen er glimlachend een foto van maken. Eigenlijk maakt dit beeld mijn -iets naar beneden gezakt humeur- weer volledig goed.

Nog voordat ik de snelweg op draai, besef ik dat ik opnieuw moet plassen. De wachttijd samen met de hete koffie heeft er voor gezorgd dat de blaas opnieuw behoorlijk vol is geraakt. Om wat verloren tijd in te halen, verhoog ik de snelheid. Mijn knipperlicht naar links, stuur de wagen iets bij en passeer de –inmiddels- lege truck. Een vriendelijk gebaar van de man achter het stuur te samen met het beeld van zojuist, maakt het dat ik wat moet lachen.

Als er een aantal uren zijn verstreken meld ik mij bij het ziekenhuis. Aangezien ik niet weet waar ik moet zijn, parkeer ik de wagen bij de spoedopvang. Een vrolijke verpleegkundige vangt me op en helpt me richting de info balie van het ziekenhuis. Met wat handen en voeten werk wordt het me duidelijk dat er op het gemeente huis nog aangifte van overlijden gedaan moet worden.  

Op zich was het vinden van het ziekenhuis en het gemeente huis niet het grootste probleem. Je volgt wat borden, vraagt wat aan voetgangers en uiteindelijk kom je wel waar je moet zijn. Bij het bereiken van het gemeentehuis zie ik een bord met een ‘P’. Tief garage staat er onder geschreven. Ai, das niet zo best denk ik bij mezelf. Tief garage…. Parkeerkelder…. Met een wagen van 2,8 meter hoog gaat dat niet lukken.

Ik besluit me maar dom op te stellen, zet de wagen op de busbaan en leg een papier onder mijn ruit dat ik zo terug ben en het me spijt dat ik lastig geparkeerd sta met mijn wagen. Een tippel van 5 minuten brengt me bij een statig gebouw met een hoog plafond en een grote hal. Volledig onwetend spreek ik een jongeman aan. Hij helpt me bij het maken van een juiste keuze, drukt op wat knopjes van een automaat en geeft me uiteindelijk een biljet waarop het juiste loket staat vermeld.

De tijd tikt door, ik kijk op de klok en zie dat het inmiddels al tien voor tien is geworden. ‘Zie ik dat nou goed’ mompel ik in mezelf. Staat daar nou werkelijk op het biljet dat ik om 11.15 aan de beurt ben. Een beetje nerveus beginnen mijn oren te gloeien, kwart over elf, jee, dat gaat een lastige klus worden, want er moet voor 12 uur een lijkenpas getekend en gehaald worden elders in deze grote stad.

De problemen stapelen zich wat op. Het gevoel dat de tijd mijn planning gaat inhalen maakt het allemaal iets oncomfortabel. Een fout geparkeerde auto, een wachttijd van bijna anderhalf uur en een –om twaalf uur- gesloten Gesundheitsdienst der Gemeinde zorgt dat ik wat nerveus met mijn vingers door mijn haren strijk.

Aangezien er voldoende tijd is om een geschikte parkeerplaats te vinden, besluit ik de wagen te verzetten. Terug aangekomen op het ‘Stadthaus’ besluit ik toch maar om me iets brutaler op te stellen. Een norse en forse dame in een ouderwets kostuum zegt me dat ik bij een verkeerde balie sta.

Na een hoop gedoe en vele telefoontjes richting Nederland worden de papieren getekend. Nog snel even langs de Gesundheitsdienst voordat ik me opnieuw meld bij het ziekenhuis. In het mortuarium verschijnt onder een laken een overleden man, zijn gezicht aan 1 zijde behoorlijk beschadigd.

Een hartaanval waarna hij langs de muur in elkaar is gezakt hebben er voor gezorgd dat deze man is overleden en beschadigd. Zijn partner is inmiddels terug in Nederland en wacht op de terugkomst van haar man. Via de uitvaartleider neem ik contact op met de vrouw van deze man.

In een emotioneel telefoongesprek met de echtgenote merk ik dat ik tijdens het gesprek de hand van de man in mijn hand heb gelegd. Iets in mij geeft me het gevoel dat ik ze op deze manier even tijdelijk met elkaar kan verbinden.

De Duitse medewerker van het mortuarium snapt niks van dit gesprek en dat gedoe met mijn hand. Hij zit op een stoel en schuift wat met de wielen heen en weer, een tuinbroek, werkschoenen, duimstok en glaswol in zijn haar. Het wordt me duidelijk, tijd om te vertrekken.

De rit naar huis verloopt soepel en nog voordat het donker is arriveer ik terug in Nederland. Het gesprek met de echtgenote spookt nog een tijdje door mijn hoofd. Zou het niet prachtig zijn als ik deze beschadiging weg zou werken? Ik heb het materiaal in de wagen, bezit de kennis en aan tijd ontbreekt het me geen moment.

Snel bel ik een bevriende collega. ‘Vriend, mag ik even bij jouw onderdak met mijn wagen. Een half uurtje max, past je dat’? Hij kent me als geen ander en weet dat ik weer iets in mijn hoofd heb gehaald wat je er met geen hamer uit kunt slaan.

Met wat airbrush, een schoon laken en OK-jas maak ik van deze overledene in zeer korte tijd een toonbare overledene. Het maakt me blij, zo blij. Mijn glimlach kan niet groter bij het zien van de blik van de vrouw die herenigd wordt met haar man. Ze merkt totaal niet op dat ik de beschadiging heb weg gewerkt.

Juist dan is het dik voor mekaar. Ze herkent haar man zoals ze hem gewend is, haar blik trekt niet richting de beschadiging, maar pakt zijn hand liefdevol vast en verteld hem dat ze hem zo heeft gemist.

Rillingen gaan even over mijn rug. Laat ik maar vertrekken, dit is het moment voor de uitvaartleider om het stokje over te gaan nemen. De dame grijpt me vast en met een gebitsloze zoen op mijn wang vertrek ik met een glimlach op mijn gezicht.

Terug in de wagen veeg ik mijn wang af en besef me dat het een bijzondere dag was. Een mooie dag met een combinatie van geluk, verdriet, emotie en verstand.

Omdat ik de meerwaarde zie hoe je iemand met airbrush op een simpele manier soms weer toonbaar kunt krijgen, heb ik besloten deze techniek met jullie te delen. Wil je het in 1 dag van me leren tegen een lage prijs?  Kijjk bij airbrush op mijn website

 

Airbrush Special Death Care